<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<rss xmlns:atom="http://www.w3.org/2005/Atom" version="2.0">
  <channel>
    <link>https://www.psyfar.nl/</link>
    <atom:link href="https://www.psyfar.nl/" rel="self" type="application/rss+xml"/>
    <title><![CDATA[Psyfar Artikelen]]></title>
    <description><![CDATA[Artikelen uit de laatste editie van Psyfar]]></description>
    <language>nl</language>
    <item>
      <title><![CDATA[Korte berichten]]></title>
      <link>https://www.psyfar.nl/tijdschrift/editie/artikel/t/korte-berichten-50</link>
      <guid>https://www.psyfar.nl/tijdschrift/editie/artikel/t/korte-berichten-50?=3d3677aa46738864fd3186d7530704c7</guid>
      <description><![CDATA[<ul>
<li>Verschillende doseringen, verschillende farmacologie?</li>
<li>Een artikel voor op de boekenplank; antipsychotica vergeleken</li>
<li>Verschillen in diabeteszorg bij mensen met of zonder een psychiatrische aandoening</li>
<li>Psychiatrische aandoeningen als risicofactor voor het acuut coronair syndroom</li>
<li>Leidt gebruik van methylfenidaat tot een verhoogd risico op psychose bij jongeren?</li>
<li>Het belang van goede blindering; psychedelica versus antidepressiva</li>
<li>Groter risico op bloedingen door heropnameremming van serotonine</li>
</ul>]]></description>
      <pubDate>Tue, 01 Sep 2026 00:00:00 +0200</pubDate>
    </item>
    <item>
      <title><![CDATA[‘Verminderen van de impact van angst- en dwangstoornissen kan op heel veel manieren’]]></title>
      <link>https://www.psyfar.nl/tijdschrift/editie/artikel/t/verminderen-van-de-impact-van-angst-en-dwangstoornissen-kan-op-heel-veel-manieren</link>
      <guid>https://www.psyfar.nl/tijdschrift/editie/artikel/t/verminderen-van-de-impact-van-angst-en-dwangstoornissen-kan-op-heel-veel-manieren?=6b3f829c1997ef09a3b39283d0d2a5d0</guid>
      <description><![CDATA[<p style="text-align:justify;">Prof. dr. Neeltje Batelaan is als hoogleraar Psychiatrie van angstgerelateerde stoornissen werkzaam bij Amsterdam UMC en als psychiater en opleider psychiatrie bij GGZ inGeest Amsterdam. Neeltje combineert klinisch werk, onderzoek en onderwijsactiviteiten. Haar onderzoeklijn richt zich op het verbeteren van de langetermijnprognose voor patiënten met angst- en dwangstoornissen en het verminderen van de impact van deze problematiek voor individu en samenleving. Zij is daarnaast voorzitter van het Nederlands Kenniscentrum voor Angst, Dwang en Depressie (NEDKAD), is betrokken bij de landelijke richtlijncommissie voor Angst- en dwangstoornissen, de huisartsenrichtlijn Angststoornissen en voorzitter van de commissie voor de Zorgstandaard Angst. Ze geeft regelmatig (na)scholingen over dit onderwerp.</p>]]></description>
      <pubDate>Tue, 01 Sep 2026 00:00:00 +0200</pubDate>
    </item>
    <item>
      <title><![CDATA[Herziening Richtlijn Bipolaire stoornissen, deel 1]]></title>
      <link>https://www.psyfar.nl/tijdschrift/editie/artikel/t/herziening-richtlijn-bipolaire-stoornissen-deel-1</link>
      <guid>https://www.psyfar.nl/tijdschrift/editie/artikel/t/herziening-richtlijn-bipolaire-stoornissen-deel-1?=5fbfc7a896926f9756fb635ffd721945</guid>
      <description><![CDATA[<p style="text-align:justify;">In dit artikel worden de grondprincipes van de medicamenteuze behandeling van manie en depressie bij bipolaire stemmingsstoornissen behandeld. Daarbij wordt onderscheid gemaakt tussen de acute behandeling, leidend tot symptomatische remissie, en de voortgezette behandeling, leidend tot herstel van de huidige episode. De preventieve onderhoudsbehandeling komt in een volgend artikel aan bod. In het artikel zijn de aanbevelingen gebaseerd op de recent geactualiseerde Multidisciplinaire richtlijn Bipolaire stoornissen. Bij de behandeling van een nieuwe manische of depressieve episode wordt de voorgeschiedenis van de patiënt meegewogen in de behandelstrategie en bij de keuze van de medicatie. De meest effectieve behandeling van de acute manie is een combinatie van een stemmingsstabilisator (bij voorkeur lithium) en een atypisch antipsychoticum. De meest effectieve behandeling van bipolaire depressie is een combinatie van een stemmingsstabilisator, bepaalde atypische antipsychotica en soms antidepressiva, waarbij ook in de acute fase psychologische behandeling wordt aangeboden. Aanbevelingen voor jeugdigen worden apart besproken.</p>]]></description>
      <pubDate>Tue, 01 Sep 2026 00:00:00 +0200</pubDate>
    </item>
    <item>
      <title><![CDATA[Als de schildklier de regie overneemt]]></title>
      <link>https://www.psyfar.nl/tijdschrift/editie/artikel/t/als-de-schildklier-de-regie-overneemt</link>
      <guid>https://www.psyfar.nl/tijdschrift/editie/artikel/t/als-de-schildklier-de-regie-overneemt?=0000cab284343714be8e33a0f7be15cc</guid>
      <description><![CDATA[<p style="text-align:justify;">Schildklierdisfunctie kan zich presenteren met een breed scala aan neuropsychiatrische symptomen en aandoeningen. Zowel hypothyreoïdie als hyperthyreoïdie kan klinische verschijnselen veroorzaken die sterk lijken op primaire neurologische of psychiatrische ziektebeelden. Voorbeelden hiervan zijn hyperkinetische bewegingsstoornissen (tremor, ataxie en myoclonus), myopathie, neuropathie, cognitieve stoornissen, slaapproblemen en oogbewegingsstoornissen. Daarnaast kan in zeldzame gevallen hypothyreoïdie leiden tot coma (het zogenaamde myxoedeemcoma bij gedecompenseerde hypothyreoïdie) en kan hyperthyreoïdie leiden tot thyreotoxische periodieke paralyse; ziektebeelden waarbij tijdige herkenning essentieel is. De grote variatie aan symptomen bij schildklierziekten maakt ze een ware kameleon. Schildklierziekten zijn vaak goed te behandelen en tijdige herkenning is essentieel. Daarom is het laagdrempelig prikken van het TSH zinvol bij patiënten met neuropsychiatrische klachten.</p>]]></description>
      <pubDate>Tue, 01 Sep 2026 00:00:00 +0200</pubDate>
    </item>
    <item>
      <title><![CDATA[Antipsychotica afbouwen na een eerste psychose]]></title>
      <link>https://www.psyfar.nl/tijdschrift/editie/artikel/t/antipsychotica-afbouwen-na-een-eerste-psychose</link>
      <guid>https://www.psyfar.nl/tijdschrift/editie/artikel/t/antipsychotica-afbouwen-na-een-eerste-psychose?=c97a198726a450a35513d7ba80da15cc</guid>
      <description><![CDATA[<p style="text-align:justify;">Na een eerste psychose ontstaat vaak de vraag wanneer en hoe antipsychotica kunnen worden afgebouwd. Hoewel richtlijnen doorgaans één à twee jaar onderhoudsbehandeling adviseren, laat recent onderzoek, waaronder de HAMLETT-studie, zien dat vroegtijdig en geleidelijk afbouwen mogelijk voordelen heeft voor het functioneren op de lange termijn. Daartegenover staan een verhoogd risico op terugval en lagere kwaliteit van leven in de eerste maanden na afbouw.</p>
<p style="text-align:justify;">De beslissing om af te bouwen vereist daarom een zorgvuldige afweging van voor- en nadelen, waarbij gedeelde besluitvorming met patiënt en naasten centraal staat. Een veilig afbouwproces kenmerkt zich door geleidelijke, bij voorkeur hyperbolische dosisreductie (waarbij de dosisstappen kleiner worden naarmate de dosering lager wordt), systematische monitoring van terugvalsignalen en ontwenningsverschijnselen, en goede samenwerking met de omgeving. Afbouwen kan mogelijk bijdragen aan herstel, zelfmanagement en het vinden van de minimaal effectieve dosis. Het is daarmee niet alleen een farmacologische keuze, maar een integraal onderdeel van herstelgerichte zorg. Dit mag echter niet ten koste van de veiligheid gaan.</p>]]></description>
      <pubDate>Tue, 01 Sep 2026 00:00:00 +0200</pubDate>
    </item>
    <item>
      <title><![CDATA[Cognitieve gedragstherapie bij angststoornissen op latere leeftijd ]]></title>
      <link>https://www.psyfar.nl/tijdschrift/editie/artikel/t/cognitieve-gedragstherapie-bij-angststoornissen-op-latere-leeftijd</link>
      <guid>https://www.psyfar.nl/tijdschrift/editie/artikel/t/cognitieve-gedragstherapie-bij-angststoornissen-op-latere-leeftijd?=6f4894ecab5c1725a75c557fd5b33043</guid>
      <description><![CDATA[<p style="text-align:justify;">Angststoornissen komen ook op latere leeftijd veel voor, maar worden bij ouderen minder vaak herkend en behandeld dan bij jongere volwassenen. Een recente Cochrane-review laat zien dat cognitieve gedragstherapie (CGT) bij ouderen waarschijnlijk leidt tot een kleine tot matige afname van angstklachten in vergelijking met minimale behandeling. Het bewijs is echter beperkt door kleine steekproeven en heterogene studies, die vooral gericht zijn op de gegeneraliseerde angststoornis. Daarentegen laat een recente grote cohortstudie zien dat ouderen met een angststoornis, ongeacht chronische somatische problematiek, meer baat hebben en minder uitvallen bij gerichte psychologische behandeling in vergelijking met jongere volwassenen met angststoornissen. Studies tonen daarnaast dat onderdiagnostiek en stereotiepe opvattingen over ouder worden belangrijke barrières vormen voor adequate behandeling. In dit artikel worden de actuele evidentie voor CGT bij ouderen met een angststoornis, leeftijdsspecifieke aandachtspunten in diagnostiek en behandeling, en praktische implicaties voor de klinische praktijk besproken. Hogere leeftijd blijkt geen contra-indicatie voor exposuregerichte interventies. In dit artikel vallen ook de obsessieve-compulsieve spectrumstoornissen en de posttraumatische stressstoornis onder de definitie angststoornissen.</p>]]></description>
      <pubDate>Tue, 01 Sep 2026 00:00:00 +0200</pubDate>
    </item>
    <item>
      <title><![CDATA[De blauwlichtfilterbril als adjuvante behandeling van (hypo)manische symptomen]]></title>
      <link>https://www.psyfar.nl/tijdschrift/editie/artikel/t/de-blauwlichtfilterbril-als-adjuvante-behandeling-van-hypo-manische-symptomen</link>
      <guid>https://www.psyfar.nl/tijdschrift/editie/artikel/t/de-blauwlichtfilterbril-als-adjuvante-behandeling-van-hypo-manische-symptomen?=3427b813363ecf9e61f642d5657c9eef</guid>
      <description><![CDATA[<p style="text-align:justify;">Bij de bipolaire stoornis komen vaak verstoringen van slaap en het circadiane ritme voor. Deze verstoringen worden zowel beschouwd als een gevolg van stemmingsontregeling, als een bijdragende factor hieraan. De regulatie van slaap berust op een samenspel tussen slaapdruk en de circadiane klok. Via blauwlichtgevoelige retinale ganglioncellen en de suprachiasmatische nucleus wordt de productie van melatonine gereguleerd. Bij patiënten met een bipolaire stoornis zijn aanwijzingen gevonden voor afwijkingen in deze regulatie, evenals voor een verhoogde gevoeligheid voor licht-geïnduceerde verschuivingen van het circadiane ritme. Deze bevindingen vormen de theoretische basis voor chronotherapeutische interventies, zoals licht- en donkertherapie en het gebruik van blauwlichtfilterbrillen. Hoewel enkele kleinschalige studies verbeteringen in slaapkwaliteit en een afname van (hypo)manische symptomen rapporteren, zijn de onderzoeksresultaten vooralsnog inconsistent en beperkt gerepliceerd. Het gebruik van een blauwlichtfilterbril kan momenteel worden beschouwd als een adjuvante interventie, maar aanvullend onderzoek is nodig om de effectiviteit definitief vast te stellen. </p>]]></description>
      <pubDate>Tue, 01 Sep 2026 00:00:00 +0200</pubDate>
    </item>
    <item>
      <title><![CDATA[Psychofarmaca bij psychotische depressie bij ouderen]]></title>
      <link>https://www.psyfar.nl/tijdschrift/editie/artikel/t/psychofarmaca-bij-psychotische-depressie-bij-ouderen-1</link>
      <guid>https://www.psyfar.nl/tijdschrift/editie/artikel/t/psychofarmaca-bij-psychotische-depressie-bij-ouderen-1?=c0fce78068b72367126eb157f2a7299a</guid>
      <description><![CDATA[<p style="text-align:justify;">In de nieuwe Multidisciplinaire richtlijn Depressie (2024) krijgt de behandeling van psychotische depressie een eigen benadering, los van die van ernstige depressie. Bij ouderen is de diagnostiek complexer door bijkomende factoren zoals levensfaseproblemen, cognitieve achteruitgang en somatische klachten, wat het klinisch redeneren beïnvloedt. Behandeling van eerste keuze voor een psychotische depressie bij ouderen is een tricyclisch antidepressivum (TCA), bij voorkeur nortriptyline, of de SNRI venlafaxine, gecombineerd met een atypisch antipsychoticum. Een SSRI kan ook, al zien we dit in de praktijk minder vaak. Als dit onvoldoende effectief is, volgt een overstap naar elektroconvulsietherapie (ECT).</p>]]></description>
      <pubDate>Tue, 01 Sep 2026 00:00:00 +0200</pubDate>
    </item>
    <item>
      <title><![CDATA[Ileus bij clozapinegebruik]]></title>
      <link>https://www.psyfar.nl/tijdschrift/editie/artikel/t/ileus-bij-clozapinegebruik</link>
      <guid>https://www.psyfar.nl/tijdschrift/editie/artikel/t/ileus-bij-clozapinegebruik?=823aa0a7a788491b079a4485fcf926e4</guid>
      <description><![CDATA[<p style="text-align:justify;">Clozapine is een atypisch antipsychoticum met een sterk anticholinerg effect, dat onder andere gastro-intestinale hypomotiliteit kan veroorzaken. Paralytische ileus is een potentieel levensbedreigende afsluiting van de darm, een ernstig gevolg van een gestoorde darmperistaltiek. Uit de 26 meldingen bij Bijwerkingencentrum Lareb blijkt dat ileus op ieder moment van de behandeling met clozapine en onafhankelijk van de gebruikte dagdosering kan ontstaan. In een deel van deze meldingen is een bijkomende infectie de uitlokkende factor waardoor plotseling hoge clozapinespiegels kunnen ontstaan. Ook gebruikten patiënten in de meldingen andere geneesmiddelen die obstipatie kunnen veroorzaken en/of geneesmiddelen die door interacties zorgen voor stijging van clozapinespiegels. Dat een ileus zeer ernstig kan verlopen blijkt uit de fatale afloop bij vier (15%) van deze patiënten.</p>]]></description>
      <pubDate>Tue, 01 Sep 2026 00:00:00 +0200</pubDate>
    </item>
    <item>
      <title><![CDATA[Q&A]]></title>
      <link>https://www.psyfar.nl/tijdschrift/editie/artikel/t/q-a-29</link>
      <guid>https://www.psyfar.nl/tijdschrift/editie/artikel/t/q-a-29?=39eacf6016d6a0e8d0285d23cfaefa69</guid>
      <description><![CDATA[<ul>
<li style="text-align:justify;">Blijvende depressieve klachten bij bipolaire I-stoornis</li>
<li style="text-align:justify;">Speekselvloed en therapieresistentie</li>
<li style="text-align:justify;">Majeure depressie: volgende behandelstap?</li>
<li style="text-align:justify;">Bruxisme bij SSRI en buspiron</li>
</ul>]]></description>
      <pubDate>Tue, 01 Sep 2026 00:00:00 +0200</pubDate>
    </item>
  </channel>
</rss>
