Richtlijnen voor de farmacologische behandeling van schizofreniespectrumstoornissen zijn grotendeels sekseneutraal, terwijl de meeste antipsychoticastudies voornamelijk mannen includeerden. Er is echter duidelijke evidentie dat sekseverschillen klinisch relevante invloed hebben op de werkzaamheid en verdraagbaarheid van antipsychotica. Vrouwen vertonen bij gelijke dosering van veel antipsychotica hogere bloedspiegels dan mannen, hoewel dit niet voor alle middelen geldt, waardoor zij gevoeliger zijn voor bijwerkingen. Langdurig gebruik van prolactineverhogende medicatie vergroot bij vrouwen het risico op menstruatiestoornissen, infertiliteit, osteoporose en mammacarcinoom en kan psychiatrische symptomen verergeren door oestrogeendaling. Daarnaast kunnen hormonale transities, zoals post partum en (peri)menopauze, invloed hebben op psychotische kwetsbaarheid en het effect van medicatie. Op basis van recent onderzoek stellen wij in dit artikel een vrouwspecifiek behandelbeleid voor, met lagere startdoseringen van de meeste antipsychotica, inzet van therapeutische drug monitoring, een sterke voorkeur voor prolactinesparende en metabool gunstige middelen, en aandacht voor hormonale levensfasen.
| Auteurs |
Noot, K.E. (Kirsten)
Nabalawi, M. (Mohanned) Eijsink, J.J.H. (Jasper) Brand, B.A. (Bodyl) Sommer, I.E.C. |
|---|---|
| Thema | Nascholingsartikel |
| Accreditatie | 1 accreditatiepunt |
| Publicatie | 1 juni 2026 |
| Editie | Psyfar - Jaargang 21 - editie 2 - 2026 | nummer 2 |
Na het bestuderen van dit artikel: